‘Zelf ervaar ik Laak als gezellig en veilig, wat niet altijd klopt met het imago’
Bram Poons is al 44 jaar als vrijwilliger actief in de wijk. Hij heeft zoveel functies en rollen vervuld, dat hij ze alleen kan onthouden door ze op een briefje te schrijven. Zo was hij jarenlang secretaris van de voetbalvereniging en maakt hij deel uit van klankbordgroep van het actieplan Laak. En is hij ook nog eens het aanspreekpunt van de wijk.

Bram: ‘De meeste volwassenen hier heb ik nog als kind zien voetballen, zo lang draai ik al mee. Ik heb niet alleen de kinderen zien opgroeien, ook zag ik langzaamaan de wijk veranderen. En dat niet alleen maar ten goede. Omdat ik zoveel kennis heb over Laak, ben ik gevraagd voor de klankbordgroep van het actieplan Laak. Ik voel me aan de wijk verplicht om mee te praten over het actieplan.’
Niet lullen maar poetsen
Bram vindt de klankbordgroep, met ongeveer 20 bewoners, eigenlijk te groot om goed in detail te kunnen overleggen: ‘Uit ervaring weet ik dat kleine groepen effectiever zijn. Je durft je dan beter uit te spreken. Maar ik wacht nog even af hoe het verloopt. Bovendien is het altijd gezellig om elkaar weer te zien. Ik denk dat de grote problemen in de wijk, zoals overlast, zwerfafval en te weinig parkeerplek, niet zosnel met dit actieplan te verhelpen zijn. Maar je moet ergens beginnen, denk ik maar. En dan niet te veel lullen, maar poetsen. Daarbij vergelijk ik het actieplan maar met het verenigingsleven: doe je best, zie de kansen en wees eerlijk over de haalbaarheid.’

Enorme hoeveelheid vrijwilligers
Bram: ‘Het mooie van Laak is de enorme hoeveelheid vrijwilligers die zorgen dat de wijk leeft. Zij weten ook wat er speelt. Als ik ergens een bestuurlijke rol vervul, dan zorg ik er ook altijd voor dat iedereen meepraat. Van de buschauffeur tot aan de schoonmaker, iedereen kan vanuit zijn of haar ervaring zinvol bijdragen aan een organisatie. Ik denk dat het aandeel vrijwilligers in Laak Centraal uitzonderlijk groot is. En met zoveel daadkracht moet ook zo’n actieplan wel van de grond kunnen komen. Als tachtig procent van het plan slaagt, dan gaat Laak een hele mooie tijd tegemoet.’